woensdag 16 augustus 2017

#2 Dit is niet mijn nationale verhaal

Heftige beelden steken de oceaan over. De afgelopen dagen volgde ik de rellen in Charlottesville op de voet en het nieuws greep mij aan. Waarom trekt juist Charlottesville onze aandacht en niet al die andere plaatsen in Amerika waar de afgelopen jaren gedemonstreerd wordt? Waarschijnlijk door de massa's witte mensen met fakkels die ongegeneerd hitlergroeten (ik schrijf hitler gewoon met een kleine letter, hoor) brengen en zich decoreren met hakenkruizen.

In Nederland haast ondenkbaar. Af en toe vindt hier een demonstratie van een extreemrechtse groepering plaats, maar deze demonstraties zijn vaak klein en kunnen op weinig bijval rekenen vanuit de rest van de samenleving. (In Nederland is het zelfs nu nog verboden Mein Kampf te bezitten.) De recente geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog wordt in Nederland jaarlijks herdacht, onderwezen op scholen en tal van culturele instellingen zetten zich in om de gruweldaden van de nazi's een plek te blijven geven in ons collectief bewustzijn.

Iets wat dus duidelijk ligt verklonken in ons cultureel-maatschappelijk systeem. Goed, er zijn voortdurend discussies over de vorm van het herdenken, maar zulks vindt gelukkig plaats in een genuanceerd debat, nu, 77 jaar later.

Als de emoties echter vers en heftig zijn, kan het anders lopen. De Black Lives Matter-beweging trok gisteren een standbeeld omver in Durham. Een honderd jaar oud standbeeld dat herinnert aan de Amerikaanse Burgeroorlog. Voor de BLM-beweging herinnert dit standbeeld juist aan de slavernij, het niet gehoord worden door de politiek, een gevoel van onderdrukking, of vul maar in. Door de hoogopgelopen discussie, dat zich uitte in een rel in Charlottesville waarin nazistische symboliek niet geschuwd werd, is het niet heel vreemd dat de woede aan de andere zijde zo groot werd dat dit standbeeld omver werd getrokken.

Standbeelden, monumenten, zijn in feite hele abstracte kunstwerken. De waarde zit niet per definitie in het object zelf, maar des te meer in welke waarde de toeschouwer het geeft, of: hoe een opdrachtgever wil hoe een monument beleefd wordt. De opdrachtgever is in het geval van politieke standbeelden veelal een overheid.

Hoe binnen een natie gedacht wordt, kan in de loop van de jaren veranderen. Na de val van het communisme werden talloze beelden van Marx en Lenin beklad, omvergehaald en vernietigd door het volk. Na de afscheiding van Ierland werd een standbeeld van de Engelse overheerser tot ontploffing gebracht. In Zuid-Afrika worden monumenten die aan de Boerenoorlog herinneren met hekken beschermd.

De één zal zich herkennen in een monument, bij de andere kan een monument symbool staan voor onderdrukking, uitbuiting, racisme of discriminatie. Het is lastig om de beleving bij een ander te herkennen en het is soms ook lastig te begrijpen waarom een object zoveel hoop of woede kan oproepen.

Een kunstwerk, zoals een standbeeld, kan helpen een beleving op te roepen. Een politiek monument legt bovenal een nationaal verhaal op. Maar door wie willen wij ons in de geschiedenis eigenlijk gerepresenteerd zien? Wie vertelt ons nationale verhaal eigenlijk echt, trouwens, wat is ons nationale verhaal eigenlijk?

Een standbeeld sluit mensen in (door herkenning), maar sluit ook mensen uit (door ontkenning). De BLM-beweging voelde zich niet herkend in het monument en trok het omver om gehoord te willen worden.

Is dit een pleidooi voor de vernieling van monumenten? Zeker niet. Wel denk ik dat het goed is monumenten voortdurend her te waarderen en ter discussie te stellen. Ze zijn minder statisch dan we denken.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

#3 De ziekenhuisgeur van de GGZ

"Psychologen voelen zich door de financiering gedwongen patiënten in een hokje te stoppen waar ze niet altijd in passen", zo luidd...